Behandeling Cataract

De operatie
Nadat er in het hoornvlies een opening van enkele millimeters is gemaakt, wordt de troebele ooglens uit het zakje waar hij in zit verwijderd. Vervolgens wordt een heldere kunstlens in het zakje van de oude lens geplaatst. De speciale apparatuur zorgt ervoor dat de kunstlens op dezelfde plaats als de oorspronkelijke lens komt. De opening waardoor is geopereerd is zo klein dat hechten meestal niet nodig is. Als alles vlot verloopt dan duurt het opereren ongeveer een half uur. Aan het einde van de ingreep wordt een beschermend oogzalfverband aangebracht en krijgt u een kapje voor het oog. 

Direct na de operatie
Na de operatie wordt u weer naar de ontvangstruimte gebracht. Hier kunt u rustig bijkomen en krijgt u iets te drinken. Als u vindt dat u voldoende bent uitgerust, kunt u naar huis. U kunt na de operatie niet zelf autorijden en niet fietsen. Wij willen graag dat u een begeleider vraagt voor het brengen en halen, ook als u met het openbaar vervoer komt.

Een dag na de operatie
U wordt verzocht de volgende ochtend zelf het kapje te verwijderen. In de loop van deze ochtend zal er een telefonische controle plaatsvinden. Nadat het verband is verwijderd kunt u weer gaan druppelen met de oogdruppels die u van tevoren gehaald heeft bij de apotheek. De druppels zijn nodig om de kans op een ontsteking te verkleinen. Leest u altijd eerst de bijsluiter. Hierin staat informatie over het gebruik van de druppels en de mogelijke bijwerkingen. Bij sommige oogdruppels kunnen hulpmiddelen geleverd worden om het druppelen te vergemakkelijken. Uw apotheker kan u adviseren. De druppels die u voor en na de operatie gaat gebruiken moet u drie maal daags druppelen in het geopereerde oog. Hiermee gaat u door totdat het flesje leeg is (ongeveer drie weken in totaal). Als u verschillende soorten oogdruppels gebruikt, wacht dan vijf minuten tussen de verschillende druppels.

Complicaties
Staaroperaties worden in Nederland heel vaak uitgevoerd. Voor iemand met een redelijke gezondheidstoestand heeft deze operatie weinig risico’s. De complicaties zijn onder te verdelen in ernstige en niet ernstige complicaties. Het risico op complicaties is afhankelijk van veel factoren en per patiënt verschillend. Over het algemeen verloopt 97% van de operaties zonder complicaties. Direct na het opereren bespreekt de oogarts met u hoe de operatie verlopen is. 

Ernstige complicaties komen zelden voor maar kunnen wel slechtziendheid of zelfs blindheid tot gevolg hebben. Zo kan er bijvoorbeeld een infectie ontstaan na de operatie (endophthalmitis). Dit komt ongeveer éénmaal per duizend operaties voor en ontstaat meestal na drie dagen tot twee weken na de ingreep. Alarmsymptomen zijn met name: toenemende pijn, roodheid en verminderde gezichtsscherpte na de operatie. Andere ernstige complicaties zijn bijvoorbeeld een bloeding in het oog of loslating van het netvlies. Daarnaast kan het voorkomen dat het lenszakje kapot gaat tijdens de operatie waardoor het niet mogelijk is direct een kunstlens te plaatsen. Het kan hierbij tevens voorkomen dat er lensbrokjes in het oog achterblijven. Soms is het noodzakelijk dat u hiervoor een 2e operatie moet ondergaan. De kans op een scheurtje in het lenszakje wisselt erg, maar ligt waarschijnlijk ergens rond de 1% (1 op 100). Niet ernstige complicaties hebben meestal alleen maar een langere herstelperiode tot gevolg. Zo kan er bijvoorbeeld vocht in het netvlies komen (cystoid macula oedeem). Dit kan in de regel goed behandeld worden. Ook kunnen er lensresten in het oog zijn achtergebleven zoals hierboven al werd beschreven. Deze resten kunnen een ontstekingsreactie in het oog veroorzaken. Meestal kan dit worden behandeld met. Uw oogarts zal de mogelijke complicaties met u bespreken. Als u één van deze symptomen ervaart na de operatie moet u snel contact opnemen met de kliniek. Buiten openingstijden kunt u bellen met de telefoonnummers die staan vermeldt in de documentatie die u heeft ontvangen bij de bevestiging van uw operatie.

Alarmsymptomen:
•   Steeds erger wordende: pijn, roodheid van het oog en wazig zien;
•   Een niet ronde pupil;
•   Flitsen en vlekken zien.

Nastaar
Soms ontstaat na maanden of zelfs jaren een vertroebeling van het lenszakje waarin de kunstlens geplaatst is. Dit noemen wij nastaar en komt ongeveer in 20% van de gevallen voor. U merkt dit doordat de gezichtsscherpte weer wazig wordt. Soms ziet u kringen (halo’s) rondom lampen en lichten. Nastaarbehandeling is eenvoudig en wordt de oogarts verricht met een speciale laser. Het is geen operatie. De laserbehandeling vindt poliklinisch plaats.

Een bril na de operatie
De oogarts streeft er meestal naar de sterkte van de kunstlens dusdanig aan te passen dat u, indien u een vertebril had, die na de operatie niet meer nodig heeft. In de meeste gevallen zal er echter een reststerkte overblijven. Dit hangt onder andere af van de brilsterkte vóór de operatie. Een leesbril zult u waarschijnlijk wel nodig hebben na een staaroperatie, omdat kunstlenzen zich niet aan verschillende afstanden kunnen aanpassen (accommoderen). Daarnaast zijn er tegenwoordig speciale kunstlenzen op de markt, de zogenaamde ‘premium’ lenzen en torische lenzen. Beide type lenzen zijn bedoeld om u minder afhankelijk te maken van de bril. Door het gebruik van een multifocale, bifocale of trifocale lens wordt u minder afhankelijk van uw bril doordat u zowel in de verte als dichtbij kunt kijken zonder bril. Echter, de belangrijkste nadelen van deze lenzen zijn dat u minder goed contrast kunt zien en tevens bestaat het risico dat u halo’s gaat zien na de operatie. De torische lenzen zijn bedoeld voor mensen met een cilinderafwijking. De oogarts zal de mogelijkheden met u bespreken.

Vragen
Als u na het lezen nog vragen heeft, kunt u tijdens openingstijden van de kliniek bellen met (078) 615 15 24. Als u beschikt over internet dan kunt u ook via de email info@oogkliniekdrechtsteden.nl uw vragen stellen.



 

 

 

 
 
Afspraak maken Bel me terug
 




 
 


 




Oogkliniek Drechtsteden